arrow_drop_up arrow_drop_down
25 augustus 2019 

Maagzuurremmers, veel misbruik, ernstige gevolgen

Meer dan één miljoen Belgen slikken geregeld maagzuurremmers, dit ondanks de nevenwerkingen en risico’s. En al te vaak gebeurt dit zonder ernstige indicatie.

Maagzuurremmers vormen een van de grootste kaskrakers van de farmaceutische industrie. Maar voor de volksgezondheid is het een zware uitgavenpost: de terugbetaling kost in België jaarlijks ruim 70 miljoen euro. En hierin is de behandeling van de verwikkelingen niet meegerekend!

Maar zure oprispingen/brandend maagzuur is wel een veel voorkomend symptoom, vervelend tot pijnlijk, en soms beangstigend. Want door de ligging van maag en slokdarm is de pijn soms moeilijk te onderscheiden van ‘hartpijn’. De pijn ontstaat door ‘reflux’, terugvloeien van zure maaginhoud naar de slokdarm. Behalve pijn en ongemak veroorzaakt dit ook schade aan de slokdarm, keel en stembanden (ontstekingen, keelpijn, kuchhoest,…)
Hernia diafragmatica (maagbreuk) kan de oorzaak zijn van reflux. Maar al te vaak is het gewoon een gemaksdiagnose, een pure symptoombestrijder, net als slaappillen en pijnstillers: “Slik een pilletje, dan kan je verder eten en leven zoals je gewend bent. En moeten we de oorzaak niet zoeken…”

Maar heeft minder maagzuur voordelen?

Eigenlijk helemaal niet. Want ieder onderdeel van het spijsverteringsstelsel heeft zijn belang. En dat geldt ook voor maagzuur: net als speeksel (én kauwen!) al voor een eerste afbraak van koolhydraten zorgt, doet maagzuur hetzelfde voor eiwitten. Deze eerste splitsing van macromolecules is belangrijk, want de enzymen in de dunne darm kunnen dit niet. Zij werken vooral goed bij kleinere molecules. Te weinig maagzuur is dus oorzaak van een slechte spijsvertering en moeilijke opname van nutriënten.

Dit leidt tot deficiënties, niet alleen van eiwitten, maar ook van vitamines en micronutriënten. (vooral magnesium, zink, kalium, calcium, ijzer en vitamine B12).

Gevolgen: van osteoporose tot spier- en orgaanverlies, moeilijk herstel en genezing, vroegtijdige veroudering, enz…

Minder maagzuur= slechtere maag- en darmwerking

De lage (zure) pH waar maagzuur voor zorgt is cruciaal voor de werking van de maag: niet alleen voor een vlotte maaglediging, maar ook voor het afsluiten van de cardia of slokdarmsfincter, de sluitspier aan de ingang van de maag. Deze reageert op zuur/een lage pH om te sluiten. Te weinig zuur is dus oorzaak van een open maagmond en van reflux, zuurbranden en zure oprispingen! Maagzuurremmers onderhouden én verslechteren dus het probleem waarvoor ze genomen worden.

  • Maar door te weinig maagzuur gaat ook de verdere ‘synchronisatie’ met pancreas-, gal- en darmfuncties verloren. Dit zorgt voor deficiënties door slechte vertering: van eiwitten en (gezonde) vetten, maar ook van vitamines en belangrijke fytonutriënten.
  • Maar veroorzaakt ook darmproblemen: opgeblazen gevoel, rotting en fermentatie van voedsel, vettige stoelgang én verandering van de darmflora. En verhoogt het risico op galstenen en pancreatitis.

Verhoogd risico op infecties…

Bovendien speelt maagzuur een cruciale rol bij het vernietigen van microben. Tekort aan maagzuur is dus oorzaak van infecties, van banale gastroenteritis tot ernstige darminfecties en parasieten. Maagzuurremmers veranderen tevens drastisch de darmflora, waardoor gevaarlijke pathogenen én parasieten de bovenhand kunnen krijgen (Salmonella, Helicobacter pylori, Candida, Clostridium difficile,… vaak oorzaak van overlijden bij ouderen).

  • Er is een sterk risico op bacteriële overgroei in de dunne darm (SIBO), oorzaak van ernstige darmklachten en spijsverteringsstoornissen. (50% van de gebruikers, hoe langer, hoe meer).
  • En er is ook een verband met prikkelbare darmsyndroom en ziekte van Crohn,…
  • Ook longinfecties worden geïnduceerd door maagzuurremmers: bij lage zuurproductie overleven meer bacteriën in de maag, en deze kunnen met de terugstromende maaginhoud de longen bereiken. Dit komt voor op alle leeftijden, zelfs bij jonge kinderen.

Soorten maagzuurremmers:

  • Antacida of ‘maagzuurbinders’
  • PPI of ‘ProtonPompInhibitoren’
  • H2-blokkers of H2-receptoragonisten

Meer informatie? Klik hier voor ons artikel over “Maagzuurremmers, wat zijn het en wat doen ze?

Onverwachte verwikkelingen op lange termijn

      • Hartziekten: recente studies linken het gebruik van PPI en H2-blokkers (zie link hierboven) aan hartaanvallen (infarct, hartfalen) met een onafhankelijke risicoverhoging van 16-20 %. Spijtig genoeg worden PPI vaak voorgeschreven aan mensen met veel andere risicofactoren: obesitas, metabool syndroom, hartkwalen, roken,… Zelfs op korte termijn kan er al een verhoogd risico zijn. Maar op langere termijn (4 maanden) zou het risico meer dan 50% hoger zijn. Allicht zijn zowel spierverlies als mineralendeficiënties belangrijke oorzaken.
      • Atrofische gastritis en maagkanker kunnen ontstaan door het chronisch gebruik van PPI, vooral bij Helicobacter-infecties. Een grote review vermeldt een verhoogd risico op maag- en darmkanker bij gebruik van àlle maagzuurremmers.
      • Nierziekten kwamen in een grootschalige studie tweemaal meer voor bij PPI-gebruikers.
      • Zeldzame, maar ernstige (auto-immune) huidziekten zoals lupus en epidermale necrolysi-syndromen (afsterven van de huid).
      • Dementie en Alzheimer: deficiënties tengevolge van maagzuurtekort (vooral vitamine B12, maar ook andere) verhogen het risico op dementie. PPI blijken ook de vorming van amyloïdplaques in de hersenen te verhogen én de levenskwaliteit te verminderen. Het veelvuldige gebruik van PPI bij ouderen is dus een ernstig probleem, vooral ook omwille van de ‘overvloedige polyfarmacie’. (gelijktijdig slikken van meerdere medicijnen)

Hogere mortaliteit
Het is dan ook geen wonder dat recente studies waarschuwen voor een excess aan overlijdens, specifiek bij langetermijn-PPI-gebruikers, stijgend met de gebruiksduur. Gemiddeld 15 maal meer cardiovasculaire overlijdens, 4 maal meer door chronische nierziekten, naast gastro-intestinale ziekten en kankers,…

Dit terwijl er bij de meeste slachtoffers geen echte indicatie bleek te zijn voor het gebruik van maagzuurremmers!

Combinatie met andere medicijnen is vaak problematisch

PPI H2-blokkers worden gemetaboliseerd via dezelfde pathway als tal van andere medicijnen. Hierdoor kunnen ze de werking ervan zowel verhogen als verlagen: stollingsremmers (anticoagulantia), metothrexaat (een reumamiddel), sommige antibiotica, fungicieden (antischimmel), chemotherapeutica, middelen tegen HIV, tegen osteoporose,…

Bovendien zijn er tal van medicijnen met hetzelfde risicoprofiel, waardoor de toch al ernstige neveneffecten versterkt worden: NSAID (maag-, nier- en hartschade), corticosteroïden (botbreuken en infectie), diuretica (mineralenverlies),…
De ernst van de invloed is zeer individueel.

Besluit

Maagzuurremmers komen je gezondheid niet ten goede. Ze kunnen hooguit nodig zijn voor een korte periode of bij héél ernstige ziekten. Maar afbouwen en stoppen is niet makkelijk.

Wil je er veilig vanaf raken, zoek dan professionele begeleiding en maak een afspraak.

Tijd om je lichaam te laten optimaliseren?

 

Dit artikel werd geschreven door Marleen Nys in samenwerking met Thorbjörn de Brul

Referenties

    1. Lam JR, Schneider JL, Zhao W, Corley DA. Proton pump inhibitor and histamine 2 receptor antagonist use and vitamin B12 deficiency. JAMA. 2013 Dec 11;310(22):2435–42.
    2. Cai D, Feng W, Jiang Q. Acid-suppressive medications and risk of fracture: an updated meta-analysis. Int J Clin Exp Med. 2015 Jun 15;8(6):8893
    3. Bavishi C, Dupont HL. Systematic review: the use of proton pump inhibitors and increased susceptibility to enteric infection. Aliment Pharmacol Ther. 2011 Dec;34(11-12):1269-81.
    4. Jaynes M, Kumar AB. The risks of long-term use of proton pump inhibitors: a critical review. Ther Adv Drug Saf. 2018 Nov 19;10:2042098618809927.
    5. Shih CJ et al. Proton pump inhibitor use represents an independent risk factor for myocardial infarction. Int J Cardiol. 2014 Nov 15;177(1):292-7.
    6. Haenisch B et al. Risk of dementia in elderly patients with the use of proton pump inhibitors. Eur Arch Psychiatry Clin Neurosci. 2015 Aug;265(5):419-28.
    7. Xie Y et al. Estimates of all cause mortality and cause specific mortality associated with proton pump inhibitors among US veterans: cohort study. BMJ. 2019 May 29;365:l1580.
Reactie plaatsen